Coeliakie, allergie en intolerantie. Wat zijn de verschillen?

bloed-voedselallergie-coeliakie-intolerantie

Vorig jaar citeerde ik Prof. Dr. Frits Koning: ‘Coeliakie is geen allergie, al zijn de gevolgen vergelijkbaar. Een allergie werkt met antilichaampjes, en coeliakie draait om cellen van het immuunsysteem, de zogeheten T-cellen in de darmen.’

Binnenkort heb ik een bijeenkomst met verschillende mensen met een intolerantie/allergie. En weer vroeg ik me af: Wat is nou eigenlijk het verschil tussen een allergie en coeliakie?

Bron foto: qimono op Pixabay

Het is ingewikkeld… Ik was op de middelbare school heel goed in biologie, ik ben nog steeds erg geïnteresseerd in het immuunsysteem. Maar ik ben geen bioloog, laat staan een immunoloog. Dus als ik ergens een foutje maak, verbeter me gerust.

Zowel een allergie als coeliakie worden veroorzaakt door een overactief immuunsysteem.
Beiden hebben dus hun oorsprong in het bloed.

Bloed

Bloed van zoogdieren bestaat voornamelijk uit bloedcellen en bloedplasma. Een mens heeft ongeveer 5 liter bloed. Dat bestaat uit ongeveer 3 liter plasma en 2 liter cellen.

Er bestaan verschillende soorten bloedcellen:

  • Witte bloedcellen spelen een belangrijke rol in het menselijk afweersysteem;
  • Rode bloedcellen vervoeren zuurstof en kookstofdioxide;
  • Bloedplaatjes spelen een belangrijke rol bij de bloedstolling. (1)

Coeliakie

Witte bloedcellen worden ook wel T-cellen genoemd. Elke T-cel heeft een unieke T-cel-receptor, waarmee hij slechts 1 virus of bacterie herkend.
Bij auto-immuunziektes heb je een t-cel-receptor die reageert een stof die eigenlijk niet gevaarlijk zijn. In het geval van coeliakie heb je dus 1 soort witte bloedcellen die reageert op gluten.

Maar om daadwerkelijk coeliakie te krijgen, heb je ook HLA-Dq2 en/of –Dq8 nodig. Dit is een eiwit dat zit op de cellen van ons lichaam. Het zorgt er voor dat virussen en bacteriën opgeruimd worden en in dit geval ook gluten. Dat werk als volgt: Gluten infecteert de lichaamscel. Deze wordt via de HLA en een eiwitfragment doorgegeven aan de witte bloedcel die de gluten herkend. De witte bloedcel valt de geïnfecteerde cel aan en veroorzaakt een ontsteking in de darm (2). Als dit vaak gebeurd, verdwijnen de darmvlokken en kan je minder voedingsstoffen opnemen. Hierdoor kunnen er allerlei vervelende klachten ontstaan.
Daarnaast maakt de T-cel 3 soorten antistoffen aan, DGP, EMA en TTG. Deze zijn terug te vinden in het bloed en worden gebruikt voor de diagnose. (5)

Als je (gediagnostiseerde) coeliakie hebt, kan het zijn dat je vrij snel reageert op gluten. Zo begin na ca. 1 uur over te geven. Hierdoor zullen grote hoeveelheden gluten mijn darmen niet bereiken.

Voedselallergie

Even terug naar het bloed. Bloed bestaat (naast bloedcellen) uit bloedplasma. Bloedplasma bestaat uit water (92%), proteinen, anorganische stoffen zoals kalium, natrium en calcium en 0,1% uit andere organische stoffen zoals glucose, betten, antistoffen en hormonen. (3)

Deze antistoffen of antilichamen worden ook wel immunoglobuline E (IgE) genoemd, een type eiwit. Net als witte bloedcellen hebben antistoffen een belangrijk rol in het afweersysteem.

De stoffen waar je allergisch voor kunt zijn, worden allergenen genoemd. Deze komen bijvoorbeeld via de huis of de lucht het lichaam binnen. Bij een voedselallergie is dat natuurlijk via het eten. Als het allergeen in contact komt met een passende cel, wordt deze gestimuleerd om grote hoeveelheden antistoffen te produceren. Deze antistoffen proberen het allergeen onschadelijk te maken en veroorzaakt een allergische reactie (jeuk, uitslag, benauwdheid, diarree, …).

Voedselintoleratie

Tenslotte een voedselintolerantie. Deze kan ontstaan door het ontbreken van het enzym om deze stof te verteren. Bijvoorbeeld bij lactose-intolerantie en fructose-intolerantie. Bij lactose-intolerantie ontbreekt het enzym lactase. Deze zit tussen de darmvlokken. Vandaar dat veel mensen met coeliakie ook een (tijdelijke) lactose-intolerantie hebben.

Daarnaast zijn er nog andere voedselintoleranties. Zoals FODMAPs, histamine, sulfiet, cafeïne etc. Hierbij gaat het niet om ontbrekende enzymen. En niet om het immuunsysteem. De betreffende voeding veroorzaakt meestal buikklachten.


  1. https://nl.wikipedia.org/wiki/Bloedcel
  2. http://ikbenglutenvrij.nl/waarom-heeft-99-geen-coeliakie/
  3. https://nl.wikipedia.org/wiki/Bloedplasma
  4. http://ikbenglutenvrij.nl/geen-antistoffen-toch-coeliakie/
  5. http://www.imd-berlin.de/en/special-areas-of-competence/food-intolerances/coeliac-disease.html

Deze vind je misschien ook interessant

3 reacties op “Coeliakie, allergie en intolerantie. Wat zijn de verschillen?

    • Dank je wel!
      Ik lees daar nog een interessante zin, die ik me niet eerder gerealiseerd had: “Strikt gezien is coeliakie geen auto-immuunziekte,
      want om de immuunrespons op gang te brengen is een trigger nodig in de vorm van gluten.”

  1. Pingback: De 5 beste glutenvrije blogs van feb. '17 (plus 9 recepten) - Ik ben glutenvrijIk ben glutenvrij

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *